Zeer interessant is het om eens na te denken welke gevolgen externe ontwikkelingen zoals globalisering kunnen hebben op programma’s. Ofwel: programmamanagement in de glazen bol. Lynda Gratton heeft een boek (De werkrevolutie) geschreven waarin zij zich die vraag stelt voor organisaties in het algemeen. Ik neem de vijf krachtenvelden (‘shaping forces’), waarvan zij stelt dat deze van grote invloed zullen zijn op de manier waarop we in de toekomst gaan werken: technologie, globalisering, demografie, samenleving en energiebronnen. Ze beschrijft de trends niet alleen in abstracties, maar ze werkt een aantal mogelijke scenario’s uit rondom het werken en leven van fictieve mensen in 2025. Het interessante van haar scenario's is dat zij zowel pessimistische als optimistische onderscheidt met heel concrete beschrijvingen van werkers op een dag in 2025. Ook vindt zij dat mensen een keuze hebben om te anticiperen op deze ontwikkelingen.
Onder deze verschrikkelijke titel adverteert een hogeschool naar een verandermanager die de organisatie gaat helpen om te professionaliseren in projectmanagement. Het goede nieuws is dat men in ieder geval wel heeft begrepen dat een dergelijke opgave geen project is. Het gaat niet om een product dat je moet neerzetten, maar om de manier van werken door medewerkers. Dus typisch een programma.
Ruim twee weken geleden is het PGM open gehouden. Inmiddels zijn er op de site verschillende presentaties beschikbaar. Dat is alweer een stap verder dan vorig jaar toen er alleen maar foto-impressies zijn verschenen. Je weet nu iets concreter wat er is gepresenteerd en welke vragen zijn besproken. Hoewel de lijst zeker niet compleet is, kan je al een goede indruk van het gebodene krijgen (www.pgmo.nl). Als je er niet geweest bent, kun je hier al wat inhalen.
Samenwerken als frame. Dat is de stelling van Hans de Bruijn in Trouw (
Download Samenwerken - Archief - TROUW). Dat is een interessante kijk op programma's. Daar staat immers het woord samenwerking ook hoog op de agenda. Samenwerken heeft voor de toehoorder een positieve connotatie. Iemand oproepen tot samenwerking is dus voordelig voor degene die oproept. En zet degene die wordt opgeroepen, in een negatief daglicht. Zie ook een eerder blog over Ronald van Aggelen. Veel gebruik van het woord leidt tot nietszeggendheid en een hoog Sesamstraat-gehalte.
Twee inspirerende keynotes op het tweede PGM Open: Hans van der Loo en Cyriel Kortleven hebben op indrukwekkende wijze de 350 deelnemers laten zien dat het erom gaat zin te maken. Ik trek daaruit de volgende conclusie: succesvolle programma's gaan over zin en zijn, niet over moeten en hebben.
Hans van der Loo wist de deelnemers de geheimen van de energiezones over te dragen. Overtuigend weet hij te stellen dat zin de belangrijkste energiebron voor succesvolle ondernemingen is. Cyriel Kortleven sloot daar op aan met zijn boodschap: Lss s mr of wel minder is meer. Uiteindelijk ging het er bij hem om te stoppen met meer producten en diensten maken, maar effectiviteit te zoeken door te stoppen met allerlei hebbedingetjes na te jagen en los te laten.
Op het PGM Open van 7 februari 2013 hebben we weer een stap gezet in de ontwikkeling van ons vak. Met veel genoegen heb ik donderdag in De Fabrique rondgelopen, tussen 350 collega's.
Dankzij de vele gesprekken, talks, twisters en reacties heb ik het gevoel dat we in twee jaar veel bereikt hebben. Het totaalbeeld (wat je als verstandige programma-freak zou moeten hebben) is voor mij als deelnemer gefragmenteerd. Mij blijft de uitroep van Mark Geljon erg bij: "Ik ben een programma-man!"
Prima donnas kunnen toch goede teamspelers zijn. Dat betogen drie auteurs in de Harvard Business Review. Bedrijven als Apple, Boeing en Pixar bewijzen dat.
Dan moeten er wel goede talent management programma’s zijn, de teams moeten missie-kritieke projecten doen en beloon teamwerk.
Vorige week heb ik een paar programmamanagers geholpen met de volgende vraag. “We zijn nu al een tijd bezig ons programmaplan te schrijven, uit te breiden en te vervolmaken. Hoe lang gaan we daar mee door? Ofwel wanneer kunnen we het als klaar beschouwen?”
Nu we weer aan een nieuwe cyclus van de Maya-kalender beginnen, lijkt het me goed te voorspellen dat het weer over de inhoud mag gaan. Deze week ontmoette ik een manager die dit jaar succesvol samenwerkingsverbanden in de keten opgezet heeft waarbij hij selecteert op inhoud. Hij stelde dat hij zijn partners in de keten vraagt naar hun visie en missie en kijkt of die bij zijn organisatie aansluit.
Het vormgeven aan de inhoud van je programma kan verzanden in een heleboel doelen en activiteiten. Vorige week hebben mijn collega Prevaas en ik goede ervaringen opgedaan door het gedachtegoed van Simon Sinek te gebruiken: zie zijn inspirerende TED talk.
Met de nieuwe app van Twynstra Gudde vinden managers praktische informatie in de vorm van teksten en videofragmenten die ze kunnen gebruiken in hun dagelijkse werk. Download in iTunes