Na ruim 7 jaar bloggen op deze plek ga ik verder op mijn eigen website. Ongeveer 360 logs heb ik op deze plek gepubliceerd, gemiddeld 1 per week. Mijn Twynstra Gudde collega's Björn Prevaas, Marcel Vastwijk en Helmuth Stoop hebben af en toe een gastblog verzorgd. Nu is dit echter mijn laatste, omdat mijn dienstverband met Twynstra Gudde is beëindigd.
Met veel genoegen heb ik als adviseur van Twynstra Gudde iedereen die geïnteresseerd is in programmamanagement, van mijn ervaringen en ontwikkelingen in het vak op de hoogte gehouden. Ik dank al deze lezers voor hun interesse en reacties. U kunt van bijgaande link gebruiken maken om op de hoogte te blijven van mijn schrijfsels.
Ik blijf met hart en ziel verbonden aan programmamanagement. Het PGM Open heeft zich als event gevestigd. Ik hoop dat mijn collega's het als community verder gaan ontwikkelen. Uiteraard beschouw ik mijzelf als lid van die community. Dat geldt ook voor de IPMA interessegroep Programmamanagement. Af en toe doe ik mee aan discussies in de groep Programmamanagement van Björn Prevaas in LinkedIn.
“Programmasturing is een vak!” Deze uitroep doet Philippe Raets, de gemeentesecretaris van Rotterdam in de leidraad die Hans van der Heijden en zijn collega’s hebben opgesteld voor programmamanagement. Geen mooier moment voor mij om zoiets in handen te krijgen.
Juist gisteren hebben ruim 50 geïnteresseerden in programmamanagement de toekomst van dit vak verkend tijdens een speciale bijeenkomst ter gelegenheid van een verandering van mijn rol bij Twynstra Gudde.
Zeer interessant is het om eens na te denken welke gevolgen externe ontwikkelingen zoals globalisering kunnen hebben op programma’s. Ofwel: programmamanagement in de glazen bol. Lynda Gratton heeft een boek (De werkrevolutie) geschreven waarin zij zich die vraag stelt voor organisaties in het algemeen. Ik neem de vijf krachtenvelden (‘shaping forces’), waarvan zij stelt dat deze van grote invloed zullen zijn op de manier waarop we in de toekomst gaan werken: technologie, globalisering, demografie, samenleving en energiebronnen. Ze beschrijft de trends niet alleen in abstracties, maar ze werkt een aantal mogelijke scenario’s uit rondom het werken en leven van fictieve mensen in 2025. Het interessante van haar scenario's is dat zij zowel pessimistische als optimistische onderscheidt met heel concrete beschrijvingen van werkers op een dag in 2025. Ook vindt zij dat mensen een keuze hebben om te anticiperen op deze ontwikkelingen.
Voor de medewerker verandert er nogal wat als een organisatie programma's gaat doen. Er komen vanuit zijn perspectief een heleboel mensen die zich met het organiseren van het werk gaan bezighouden: een programmamaanger, verschillende projectleiders, ondersteuners van een programmabureau naast de gebruikelijke chef en wellicht een coordinator. Ze praten allemaal nog een andere taal ook: de een heeft het over doelen en effecten, de ander over resultaten die op tijd en binnen budget klaar moeten zijn. En dan is er het reguliere werk. De bovenstaande vragen over programma's en projecten "komen erbij".
Onder deze verschrikkelijke titel adverteert een hogeschool naar een verandermanager die de organisatie gaat helpen om te professionaliseren in projectmanagement. Het goede nieuws is dat men in ieder geval wel heeft begrepen dat een dergelijke opgave geen project is. Het gaat niet om een product dat je moet neerzetten, maar om de manier van werken door medewerkers. Dus typisch een programma.
"De programma coördinator moet het verbeterprogramma breed geïmplementeerd krijgen, zorgdragen voor een goede voorbereiding van de stuurgroep en tijdig signaleren/bijsturen bij eventuele knelpunten. Hierbij hoort ook het initiëren van nieuwe initiatieven, agenderen van inhoudelijke ontwikkelingen en doen van voorstellen tbv het versterken van externe en interne samenwerkingsverbanden. De programmacoördinator legt over de voortgang van de implementatie van het verbeterprogramma verantwoording af aan de directeur."
Ook in de taal blijkt er een principieel onderscheid tussen project en programma te worden gemaakt. Dat is de conclusie van twee onderzoekers van de universiteit van Oxford. Zij hebben in duizenden teksten in de engelse taal geanalyseerd en in die teksten 1600 gevallen gevonden waarin de woorden project- of programma voorkwamen. Project blijkt significant vaker voor te komen met het woord falen en programma met het woord succes.
Ruim twee weken geleden is het PGM open gehouden. Inmiddels zijn er op de site verschillende presentaties beschikbaar. Dat is alweer een stap verder dan vorig jaar toen er alleen maar foto-impressies zijn verschenen. Je weet nu iets concreter wat er is gepresenteerd en welke vragen zijn besproken. Hoewel de lijst zeker niet compleet is, kan je al een goede indruk van het gebodene krijgen (www.pgmo.nl). Als je er niet geweest bent, kun je hier al wat inhalen.
Samenwerken als frame. Dat is de stelling van Hans de Bruijn in Trouw (
Download Samenwerken - Archief - TROUW). Dat is een interessante kijk op programma's. Daar staat immers het woord samenwerking ook hoog op de agenda. Samenwerken heeft voor de toehoorder een positieve connotatie. Iemand oproepen tot samenwerking is dus voordelig voor degene die oproept. En zet degene die wordt opgeroepen, in een negatief daglicht. Zie ook een eerder blog over Ronald van Aggelen. Veel gebruik van het woord leidt tot nietszeggendheid en een hoog Sesamstraat-gehalte.
Twee inspirerende keynotes op het tweede PGM Open: Hans van der Loo en Cyriel Kortleven hebben op indrukwekkende wijze de 350 deelnemers laten zien dat het erom gaat zin te maken. Ik trek daaruit de volgende conclusie: succesvolle programma's gaan over zin en zijn, niet over moeten en hebben.
Hans van der Loo wist de deelnemers de geheimen van de energiezones over te dragen. Overtuigend weet hij te stellen dat zin de belangrijkste energiebron voor succesvolle ondernemingen is. Cyriel Kortleven sloot daar op aan met zijn boodschap: Lss s mr of wel minder is meer. Uiteindelijk ging het er bij hem om te stoppen met meer producten en diensten maken, maar effectiviteit te zoeken door te stoppen met allerlei hebbedingetjes na te jagen en los te laten.
Met de nieuwe app van Twynstra Gudde vinden managers praktische informatie in de vorm van teksten en videofragmenten die ze kunnen gebruiken in hun dagelijkse werk. Download in iTunes