Vanmiddag verzorg ik twee werkbijeenkomsten over organiseren. De aanwezigen zijn leidinggevenden in een vrijwilligersorganisatie. Ik ben gevraagd aandacht te besteden aan onderwerpen als doelstelingen formuleren, het opstellen van een strategie en spelregels voor de inrichting van structuur. Ik vind dat je deze onderwerpen altijd in samenhang moet zien met de drie processen die zich in elke organisatie afspelen (doelen stellen, organiseren en realiseren). Voor vanmiddag heb ik een 10 aandachts-punten-lijst opgesteld die de leidinggevende kan helpen zicht te krijgen op zijn/haar organisatie.
-
Perceptie: Weet ik dat er geen beste manier van organiseren is (maar dat niet elke vorm van organiseren even effectief is)?
- Geeft de missie aan wat de organisatie wil betekenen voor belanghebbenden en is deze inspirerend ?
- Zijn doelen SMART (Specifiek en Meetbaar) geformuleerd?
- Realiseren: Is er een passende balans tussen impoviserend-, projectmatig- en routinematig werken (passend bij de opgave, de levensfase van de organisatie)
- Zijn in de strategie concrete acties opgenomen die nodig zijn om doelen te bereiken en is er een balans tussen aandacht voor interne sterktes en externe ontwikkelingen?
- Structuur: Zijn taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden in evenwicht, hoe wordt werk gecoördineerd en is de bevoegdheid tot ‘ja’ zeggen gedecentrailiseerd?
- Regelen de systemen /procedures de belangrijkste zaken (volgens de 80-20 regel), is er voldoende 'regelruimte'?
- Wat beweegt medewerkers om een bijdrage te leveren (kennis en houding)?
- Managementstijl: Is er een balans tussen ondernemen, managen en leidinggeven en wordt er waar mogelijk op ‘output’ gestuurd?
- Cultuur: Wat zijn de belangrijkste gedragsregels?
(Bron: Meesterlijk Organiseren: R. Kor, G. Wijnen, M. Weggeman, Kluwer 2008)

