Van de site van Nicis kwam ik de volgede tekst tegen:
"Het gaat goed met de steden in Nederland. Steden zullen in de komende jaren, crisis of geen crisis, blijven groeien, een grotere bijdrage leveren aan de Nederlandse economie en meer mensen zullen in steden wonen en werken. In veel steden is sprake van gentrification: in voorheen zwakke buurten is er een flinke toename van het aandeel hoger opgeleiden, stijgt het percentage koopwoningen, en vinden ontwikkelingen plaats die de buurt een betere naam bezorgen. Kansarmen maken gedeeltelijk plaats voor kansrijken. Bekende voorbeelden zijn De Pijp in Amsterdam en Lombok in Utrecht. Maar eigenlijk zijn in elke stad wel dergelijke buurten te vinden, altijd nabij het stadscentrum.
Recent Nicis-onderzoek naar de relatie tussen inkomensdiversiteit en buurtvertrouwen in Enschede en Amsterdam toont aan dat een toename van het aantal middeninkomens en een stijging van het aandeel koopwoningen, leiden tot meer buurtvertrouwen, ook onder de aanwezige lage inkomensgroepen in de buurt. Dit effect treedt niet alleen op in wijken rond het stadscentrum, maar ook in naoorlogse stedelijke vernieuwingswijken.
Hoe zit het nu precies met die relatie tussen inkomensdiversiteit en buurtvertrouwen? Wat betekent in dit verband ‘milde’ gentrification? Kan of moet de overheid hierin sturen? Of moet zij, met in haar kielzog de corporaties, zich juist terughoudend opstellen? In hoeverre is er sprake van verdringing? En waar liggen kansen, vooral nu de ‘officiële’ stedelijke vernieuwing trager gaat en de middelen in het kader van het Investeringsbudget Stedelijke Vernieuwing en de wijkenaanpak teruglopen? "
Deze vragen worden beantwoord op een nicis congres op 11 november. Chcek www.nicis.nl
